Budgetfood

Sucadelappen in de slowcooker op high: zo doe je het goed

Sucadelappen in de slowcooker op de stand high zet je ongeveer 6 uur. Dat is de vuistregel die voor de meeste slowcookers goed werkt en waarna het vlees boterzacht is. Hieronder lees je precies hoe je dit aanpakt, wat je moet weten over de high-stand en wanneer je beter voor low kiest.

Hoe lang sucadelappen in de slowcooker op high?

Op de stand high zijn sucadelappen na 6 uur gaar en mals. De high-stand brengt de inhoud van de slowcooker sneller op temperatuur dan de low-stand. Dat maakt het een goede keuze als je wat later begint met koken maar toch op tijd wilt eten. Het resultaat verschilt weinig van de low-stand, al wordt het vlees op low soms iets gelijkmatiger gaar doordat het langzamer trekt.

Hoe dik de lappen zijn, maakt ook uit. Dunne lappen van minder dan 2 centimeter kunnen al na 5 tot 5,5 uur zacht zijn. Dikke lappen van 3 centimeter of meer hebben soms het volledige uur extra nodig. Prik er na 5,5 uur in met een vork om te voelen of het vlees al loslaat. Trekt het vlees moeiteloos uit elkaar? Dan is het klaar.

Voorbereiding: de stap die je niet mag overslaan

Voordat de sucadelappen de slowcooker in gaan, schroei je ze kort dicht in een hete koekenpan met een beetje olie. Dit duurt per kant 2 tot 3 minuten. Door die bruine korst krijgt het vlees meer smaak. De slowcooker zelf bakt niet en kan dit effect niet nabootsen. Sla je dit stap over, dan is het vlees technisch gezien wel gaar, maar minder smaakvol.

Kruid de lappen voor het aanbraden royaal met peper en zout. Daarna leg je ze in de slowcooker en voeg je vocht toe, bijvoorbeeld runderbouillon, rode wijn of een combinatie van beiden. Het vocht hoeft het vlees niet te bedekken; een laagje van 1 tot 2 centimeter is voldoende. Sucadelappen geven zelf ook vocht af tijdens het garen.

Wat gaat er goed bij?

Sucadelappen trekken in de slowcooker op high veel smaak op van wat je meekookt. Klassieke toevoegingen zijn uienringen, laurierblaadjes, tijm en een eetlepel tomatenpuree. Wie van een zoetje houdt, voegt een theelepel appelstroop of een scheutje worcestershiresaus toe. Die zoet-hartige combinatie past goed bij het volle vlees.

Groenten die lang kunnen meekoken (wortel, ui, bleekselderij) kun je direct mee in de slowcooker doen. Aardappelen worden in 6 uur iets te zacht; die kook je beter los of voeg je pas de laatste 2 uur toe.

Wanneer kies je beter voor de low-stand?

Op de low-stand zijn sucadelappen na 8 tot 10 uur klaar. Dat is de betere keuze als je ’s ochtends vertrekt en ’s avonds wilt eten. Het langzamere proces geeft het bindweefsel in sucadelappen meer tijd om af te breken, wat het vlees extra mals maakt. In de praktijk is het verschil met high gering, maar bij twijfel is low de veiligere optie: het vlees droogt minder snel uit als het iets langer staat.

Op high wordt het vlees ook prima mals, maar pas iets beter op dat je niet te lang wacht. Na meer dan 7 uur op high droogt het vlees eerder uit, zelfs in vocht. Zet een timer zodat je er op tijd bij bent.

Na 6 uur op high haal je de sucadelappen eruit en leg je ze even apart. Het kookvocht kun je inkoken in een pan tot een mooie jus, of je bindt het met een beetje maizena. Dat maakt van het resterende vocht een volle saus die nergens anders naar smaakt.

Gerelateerde artikelen

Back to top button