Oude kleding pimpen: zo maak je met verf iets nieuws van wat je al hebt

Je kast zit vol en toch heb je niks om aan te trekken. Herkenbaar? Grote kans dat er stukken tussen hangen die je best zou dragen als ze net even anders waren. Die lichte trui met een vlek erop. Dat spijkerjasje dat je saai bent gaan vinden. Dat witte tasje dat na een zomer nergens meer op lijkt.
In dit artikel lees je hoe je zulke kleding weer draagbaar maakt met textielverf. Je leest wat je nodig hebt, welke stoffen het beste werken, hoe je de verf aanbrengt en hoe je zorgt dat je werk in de wasmachine blijft zitten. Ook lees je welke fouten je makkelijk kunt voorkomen en wat je beter niet met textielverf doet.
Waarom weggooien zonde is
Kleding gaat meestal niet kapot. Je vindt het gewoon niet leuk meer. Of er zit een vlek op waar je niet omheen kunt kijken. Zonde, want aan de stof zelf mankeert niets.
Met verf verander je precies dat ene ding dat je stoort. Een vlek verdwijnt onder een vorm. Een saai jasje krijgt een print. Een effen tas wordt ineens jouw tas. Je koopt niets nieuws en je gooit niets weg. Je portemonnee merkt dat meteen.
Wat je nodig hebt om te beginnen
Veel is het niet. Je hebt textielverf nodig, een penseel of een sponsje, en een stuk karton of plastic dat je in het kledingstuk legt. Verder een strijkijzer en een oude theedoek. Dat is het.
Textielverf is geen gewone verf. Hij blijft soepel als hij droog is, zodat de kleur niet gaat barsten zodra je beweegt. Gewone acrylverf wordt op stof juist stijf en scheurt na een tijdje open. In een creatieve winkel staan deze potjes meestal bij elkaar in de rubriek textiel leerverf, samen met de verf die speciaal voor leer en imitatieleer is gemaakt.
Welke stof werkt en welke niet
Niet elke stof neemt de verf even goed op. Katoen is je beste vriend. Hoe meer synthetisch materiaal erin zit, hoe minder de kleur blijft hangen. Kijk even op het wasetiket in de kraag of in de zijnaad, daar staat waar je kledingstuk van gemaakt is.
| Stof | Wat je kunt verwachten |
|---|---|
| Katoen | Neemt de verf het best op. De kleur blijft na het fixeren goed zitten. |
| Denim | Werkt prima, want denim is meestal katoen. Op donker denim komen lichte kleuren minder goed uit. |
| Linnen | Doet het goed. De structuur van de stof blijft door de verf heen zichtbaar. |
| Mengsels met veel katoen | Meestal geen probleem. Hoe meer polyester erin zit, hoe minder de verf pakt. |
| Polyester en nylon | De verf hecht minder goed en kan sneller vervagen. Test dit altijd eerst. |
Twijfel je? Test dan eerst op een plek die niemand ziet, bijvoorbeeld aan de binnenkant van een zoom. Zo weet je meteen hoe de kleur uitpakt op jouw stof.
Zo pak je het aan
Was het kledingstuk eerst, ook als het al schoon is. Nieuwe kleding heeft vaak een dun laagje op de stof waardoor verf slechter hecht. Gebruik geen wasverzachter, want die laat precies zoān laagje achter. Laat het daarna goed drogen en strijk het glad, zodat je op een vlakke ondergrond werkt.
Leg dan het karton of het plastic in het kledingstuk. Zonder die laag zakt de verf door naar de andere kant en zit je print ineens ook op je rug.
Breng de verf in dunne lagen aan. Een dikke klodder droogt langzaam, wordt hard en barst eerder open. Twee of drie dunne laagjes geven een veel mooier resultaat. Laat elke laag drogen voordat je de volgende aanbrengt.
Weet je nog niet wat je wilt maken? Begin simpel. Een strook langs de zoom, een paar stippen, of een vorm die je uit karton knipt en als sjabloon gebruikt. Bij een speciaalzaak in kunst en hobby zoals De Kwast liggen kant-en-klare sjablonen, maar een stuk stevig papier doet het net zo goed.
De verf vastzetten, anders wast het eruit
Dit is de stap die het vaakst wordt overgeslagen, en precies de stap waar het misgaat. Textielverf moet je fixeren met warmte. Doe je dat niet, dan is je werk na een wasbeurt verdwenen.
Laat de verf eerst helemaal drogen. Leg dan een oude theedoek over de geverfde plek en strijk daar een paar minuten overheen. Je kunt het kledingstuk ook binnenstebuiten leggen en de achterkant strijken. Zet het strijkijzer op de stand die bij de stof past en gebruik geen stoom.
De precieze tijd en temperatuur verschillen per merk. Lees dus even de gebruiksaanwijzing op de verpakking voordat je begint. Daar staat ook hoe lang je moet wachten voor de eerste wasbeurt. Meestal is dat minstens een dag.
Zo blijft het mooi
Draai je nieuwe favoriet binnenstebuiten en was hem op een lage temperatuur. Laat de wasverzachter staan. Hang het kledingstuk daarna te drogen in plaats van het in de droger te gooien, want warmte en gedraai doen de kleur geen goed. Zo blijft je print jaren zitten.
Wat je beter niet met textielverf doet
Een heel kledingstuk in een nieuwe kleur zetten is een ander verhaal. Textielverf breng je aan met een penseel of een sponsje en is bedoeld voor een deel van de stof, niet voor het geheel. Verf je een complete broek, dan wordt de stof hard en oncomfortabel.
Wil je een vaal geworden kledingstuk in zijn geheel weer donker maken, dan heb je verf nodig die je oplost in water en waarin je het kledingstuk laat trekken. Dat is een andere soort verf, met een andere werkwijze. Handig om te weten voordat je een potje koopt dat niet doet wat jij wilt.
Fouten die je makkelijk voorkomt
De meeste missers zijn steeds dezelfde. Te dik verven, waardoor de stof stijf wordt. Vergeten te fixeren, waardoor alles alsnog in de was verdwijnt. Meteen na het strijken de wasmachine in. Of beginnen op je lievelingsshirt in plaats van op iets waar je niets om geeft.
Doe jezelf een plezier en oefen eerst op een oud T-shirt of op een lapje stof dat je toch weggooit. Na tien minuten weet je precies hoe de verf zich gedraagt, hoe snel hij droogt en hoeveel je nodig hebt.
Begin gewoon
Je hebt hier geen cursus voor nodig en ook geen dure spullen. Een potje verf, een penseel en een kledingstuk dat toch al niet meer uit je kast kwam. Meer is het niet. En gaat het mis, dan heb je iets verpest dat je toch al niet meer droeg. Zo groot is het risico dus niet.



